Geplaatst door: 
Verhaal

'Schansgrond is goede grond'

Auteur: 
Ewout van der Horst

Het is een opvallende boerderij aan de weg van Ommen naar Balkbrug. No 4 staat er op de topgevel van het voorhuis geschilderd. Het is één van de laatste hoeven van de oorspronkelijke 21 boerderijen van de Maatschappij van Weldadigheid op de Ommerschans. Bezoekers kunnen er terecht voor informatie over de voormalige landbouwkolonie.

De familie Hiemstra heeft hier een biologisch melkveebedrijf. De moderne boerderij telt ruim 110 melkkoeien en twee melkrobots. Het bedrijf ligt op steenworp afstand van de Ommerschans, een militair bolwerk dat 200 jaar geleden door de Maatschappij van Weldadigheid is bestemd tot opvangplaats voor bedelaars uit het hele land.

Oprichter Johannes van den Bosch liet de paupers de wildernis rondom de schans ontginnen, zodat ze in hun eigen levensonderhoud konden voorzien. ‘Van den Bosch heeft een goede plek uitgekozen voor zijn kolonie’, meent Henk Hiemstra. ‘De veengronden hier zijn uitstekend ontgonnen.’ De kolonisten hebben blokken van 350 bij 350 meter gemaakt, met sloten en lanen ertussen. De waterhuishouding is na al die jaren nog steeds op orde. Onder boeren in de omgeving luidt het gezegde: ‘Schansgrond is goede grond.’

In het ontgonnen gebied zijn 21 hoeves gebouwd. De bedrijven waren in gebruik door boeren die goed hadden gepresteerd op hun proefbedrijfjes in de vrije kolonies. Overdag moesten de bedelaars die op de Ommerschans zaten opgesloten verplicht op het land van de hoevenaars werken. Femmie Hiemstra denk nog regelmatig aan die ‘arme stakkers’ als ze over de landerijen uitkijkt.

Strontregen

Johannes van den Bosch wilde door werkverschaffing in zijn landbouwkolonies in Overijssel en Drenthe zoveel mogelijk mensen uit de armoede halen en tot fatsoenlijke burgers omvormen. De kolonisten moesten via verbouw van graan en aardappelen letterlijk hun eigen kost zien te verdienen. In plaats van paarden voor de ploeg zette de Maatschappij kolonisten aan de schop. 

Door de nadruk op akkerbouw en een minimale veebezetting was er een groot tekort aan hooi en mest. De kolonisten werden aangemoedigd zelf de nodige meststoffen bij te dragen. De Maatschappij berekende dat de secreetmest van tien personen gelijkstond aan een rund, ‘niet in volume maar in kracht’. Toch moest voor kapitalen aan mest en hooi worden aangekocht. Een bezoeker aan de Ommerschans dichtte:

O edele Maatschappij!
Gij weerde bedelarij,
God geeft U Zijnen zegen
En schenk U een strontregen.

Ondanks adviezen van landbouwdeskundigen om meer dieren aan te houden, hield Van den Bosch vast aan zijn nadruk op akkerbouw. Hij experimenteerde met bremstruiken als groenbemesting, maar dat putte de grond op langere termijn alleen maar meer uit. Door grote exploitatietekorten ging de Ommerschans uiteindelijk in handen van het Rijk over. 

Huurboer van Veldzicht

In 1890 is de bedelaarskolonie omgezet in rijksopvoedingsgesticht Veldzicht. Hoeve 4 werd door Veldzicht in gebruik genomen als zuivelhoeve. ‘Hier werkte 40 man in de zuivelverwerking’, weet Henk Hiemstra. ‘Achter stonden de koeien en in het voorhuis werd de melk verwerkt, ook van andere boerderijen.’ Femmie wijst op een tegelwand van de voormalige koelkamer, die ze bij verbouwing van hun woonkamer aantroffen. In de kelder toont ze de planken waarop de kazen lagen te rijpen. Aan de andere kant van de boerderij werd boter bereid.

In 1937 kon opa Hiemstra de zuivelhoeve van Veldzicht huren. Er zat toen 25 hectare grond bij de boerderij. Henk en Femmie hebben het bedrijf in 1978 van vader Hiemstra overgenomen. ‘Een jaar later hebben we een ligboxenstal gebouwd en zijn op een moderne manier gaan boeren.’ Naast 20 hectare rijksgronden in pacht heeft de familie tegenwoordig 30 hectare in eigendom. Inmiddels werken hun beide zonen ook parttime op het bedrijf.

Zuinig op het landschap

Het melkveebedrijf van de familie Hiemstra ligt pal tegen natuurgebied de Ommerschans aan. ‘Toen ik bij ons trouwen hier kwam, keken we nog uit op de begraafplaats van de Ommerschans’, vertelt Femmie. ‘Je zag daar al die kruizen schots en scheef staan. Ik vroeg mij af welk verhaal daarachter schuilgaat. Zo ben ik mij in de geschiedenis van de schans gaan verdiepen. Wij zijn verplicht om zuinig te zijn op het landschap dat ze 200 jaar geleden hebben vorm gegeven.’

Kenmerkend voor het ontginningslandschap van de Ommerschans zijn de strakke lijnen met zijn sloten en singels. ‘Natuurlijk hebben wij in onze bedrijfsvoering wel wat last van de schaduwwerking van de bomen’, stelt Henk, ‘maar ze horen erbij. Het geeft kleur aan het landschap.’ Hiemstra heeft het beheer van de singels om de boerderij van Staatsbosbeheer overgenomen. ‘De gaten in de lanen hebben we opgevuld met nieuwe aanplant. Ook hebben we wandelpaden aangelegd, waarvoor we een onderhoudspremie krijgen.’

Bezoekerscentrum

Sinds 1999 hebben Henk en Femmie een gedeelte van de historische boerderij ingericht als vergaderruimte.  Via hun betrokkenheid bij vereniging de Ommerschans kregen ze steeds vaker bezoekers met historische interesse over de vloer. Femmie: ‘Bezoekers zijn vaak heel verbaasd over de geschiedenis van de Ommerschans, vooral over de bedelaars die uit het hele land kwamen en hier een tweede kans kregen. De opzet van de kolonie was geweldig, in de praktijk werkte het niet zo goed. Toch was het een vroege vorm van sociale voorziening. Dat verhaal willen we graag met de mensen delen.’

Bronnen:

- J.W. Dorgelo, De koloniën van de Maatschappij van Weldadigheid (1818-1859). Een landbouwkundig en sociaal- economisch experiment (Assen 1964).
- Interview Henk en Femmie Hiemstra, 19 december 2017.
- Assen, Drents Archief, archief Maatschappij van Weldadigheid.

Reacties