Geplaatst door: 
Verhaal

Rondom dominee Frederik van Leenhof (deel 2)

Auteur: 
L.J. Rietema

Deel 2 "Rondom dominee Frederik van Leenhof"

In juni 1681 kwam met attestatie uit Middelburg Magdalena van Leenhof, de volle zuster van de predikant. Op 29 augustus 1686 trouwde zij te Windesheim (ondertrouw te Zwolle op 14 augustus) met Joan Brouwers, gedoopt te Zwolle op 13 december 1659, als zoon van Lambert en Anna van Rijssen. De reeds eerder genoemde dochters Magdalena en Dina Brouwers werden uit dit huwelijk geboren.

Magdalena werd op 3 juli 1687, Dina op 6 maart 1692 te Zwolle gedoopt. Dina Brouwers trad, voor zo ver mij bekend niet te Zwolle, in het huwelijk met Hendrick Huntum te Amsterdam, uit welk huwelijk zes kinderen werden geboren: Anna Magdalena, Maria Elisabeth, Dina Johanna, Jacoba Comelia, Willemine en Paulus Huntum. Ook Wouter, de half-broeder van Ds. Van Leenhof verhuisde van Middelburg naar Zwolle; de inschrijving van zijn attestatie vond plaats op St. Michiel (29 september), 1699, doch op 26 september van dat jaar had hij reeds het klein-burgerschap van Zwolle verkregen. Het groot-burgerschap verwierf hij op 8 februari 1723.

Wouter van Leenhof trouwde te Zalk (ondertrouw te Zwolle 10 mei) 25 mei 1704 met Gesiena Tydeman, gedoopt te Zwolle op 21 augustus 1670, als dochter van Gerrit en Hilletje Koops. Haar was geen lang leven beschoren want reeds op 26 februari 1706 werd zij in de Michaelikerk, negentien dagen na de doop van haar dochtertje Dina Hillegonda begraven.

Wouter van Leenhof hertrouwde niet. Hij had blijkbaar goed personeel in dienst om de jonggeborene te verzorgen en groot te brengen! Ik vond dat op 13 april 1751 in de Bethlehemkerk werd begraven Jannighien Cramers, 'gewesen dienstmeyd van Wouter van Leenhof; haar luidgeld bedroeg 2 gld. 16 st. Zelf werd Wouter begraven op 28 februari 1754 in graf 102 van de Michaeli-Kerk, zijn luidgeld bedroeg 11 gld. 4 st.

In het tijdschrift 'Wereld' van december 1963 staat van de hand van G. Steehouwer een artikel "Neuzen in een oud dagboek". Het betreft het dagboek lopende over de periode 1710-1750 van Hendrik Willem Tydeman, volgens Ned. Patricitaat nr. 9 officier van een Overijssels Regiment voetvolk. Tydeman werd gedoopt te Zwolle op 2 December 1691 en aldaar 1 februari 1769 in de Michaeli-Kerk begraven. Hij werd cadet in 1710, kocht zich voor 2100 gulden in 1716 van de Heer Buissonet een plaats als vendrigh in het Regiment van de Erfprins Saxen-Eisenach; in 1721 werd hij luitenant. Op 19 mei 1722 trouwde hij te Brummen met Johanna Malherbe (Onkruydt), geboren te Amsterdam 6 mei 1701, overleden te Zwolle 19 mei 1790.

Mede door bemiddeling van Wouter van Leenhof werd hij "tot capiteyn genomineert". Zijn plaats als luitenant verkocht hij aan de vendrigh de Rhée voor 1250 gulden. Op 18 maart 1727 legde hij de eed af voor de Ridderschap en Steden van Overijssel. Op 12 juni 1729 schreef hij "ben ik met neef Leenhof twee dagen op zijn buytenplaats bij het 'Rode Hert' geweest en ben den 14den dito wederom gecomen". (Een café-restaurant van die naam bestaat nog heden ten dage onder Dalfsen).

Dina Hillegonda van Leenhof werd gedoopt op 7 februari 1706, in maart 1723 deed zij belijdenis, terwijl zij 30 mei (ondertrouw 11 mei) 1737 te Zwolle trouwde met Mr. Egbert Scriverius, Burgemeester van Zwolle. Hij werd op 12 april 1712 gedoopt als zoon van Samuel Joan en Maria Gelderman. Op 17 december 1736 deed ook hij belijdenis: hij wordt dan vermeld te wonen in de Kamperstraat. Uit dit huwelijk werd één dochtertje geboren, Gesina genaamd, dat op 12 juni 1738 werd gedoopt, doch dat reeds op 25 juni daaraan volgende in de Michaeli-Kerk werd begraven. Het echtpaar Scriverius-van Leenhof testeerde op 19 mei 1754. Dina Hillegonda overleed echter reeds in 1756 en werd op 22 maart van dat jaar in de Michaeli-Kerk in graf nr. 745 bijgezet. 

Het bovengenoemde testament werd op 8 mei geopend: het door haar nagelaten zal vererven op de reeds hiervoor genoemde neefjes en nichtjes van Huntum.

Na de dood van Dina Hillegonda vererfde de buitenplaats 'Verzigt', onder Ancum op Egbert Scriverius. Na diens overlijden in 1799 - hij werd op 14 januari van dat jaar, oud 87 eveneens in graf nr. 745 van de Michaelikerk bijgezet - ging 'Verzigt' over op zijn neef, de oud-burgemeester Joh. Hanselaar.

Dit artikel is eerder gepubliceerd in het tijdschrift IJsselakademie 1982 nr. 2

 

Reacties